Formele methoden voor software engineering: verschil tussen versies
Geen bewerkingssamenvatting |
kGeen bewerkingssamenvatting |
||
| Regel 18: | Regel 18: | ||
2. Het specificeren van de correctheid van objectgeoriënteerde (Java-)programma's met behulp van pre- en postcondities in JML, en het analyseren van de correctheid van Java programma's m.b.v. ESC (Extended Static Checking). De onderliggende theorie is gebaseerd op Hoare-logica. |
2. Het specificeren van de correctheid van objectgeoriënteerde (Java-)programma's met behulp van pre- en postcondities in JML, en het analyseren van de correctheid van Java programma's m.b.v. ESC (Extended Static Checking). De onderliggende theorie is gebaseerd op Hoare-logica. |
||
== Voorkenniseis == |
|||
* enige ervaring met wiskundige basisconcepten als verzamelingen, relaties, functies, en predikatenlogica |
* enige ervaring met wiskundige basisconcepten als verzamelingen, relaties, functies, en predikatenlogica |
||
* inzicht in en basale ervaring met het ontwerpen van softwaresystemen |
* inzicht in en basale ervaring met het ontwerpen van softwaresystemen |
||
Huidige versie van 26 jan 2009 20:16
Samenvatting[bewerken]
| Vaknaam | Formele Methoden voor Software Engineering II |
| Vakcode | 213520 |
| Studiebelasting | 5.0 EC |
Omschrijving[bewerken]
Dit vak behandelt het gebruik van wiskundige technieken en bijbehorende software-gereeedschappen voor de modellering en analyse van softwaresystemen. Aan de orde komen:
1. Het modelleren van gedistribueerde systemen m.b.v. procesalgebra, ondersteund door het gereedschap LTSA en de analyse van deze modellen d.m.v. simulatie- en model-checkingtechnieken. De onderliggende theorie is gebaseerd op transitiesystemen en bisimulatie.
2. Het specificeren van de correctheid van objectgeoriënteerde (Java-)programma's met behulp van pre- en postcondities in JML, en het analyseren van de correctheid van Java programma's m.b.v. ESC (Extended Static Checking). De onderliggende theorie is gebaseerd op Hoare-logica.
Voorkenniseis[bewerken]
- enige ervaring met wiskundige basisconcepten als verzamelingen, relaties, functies, en predikatenlogica
- inzicht in en basale ervaring met het ontwerpen van softwaresystemen
- ervaring met het programmeren in Java (Programmeren 1 en 2).
Leerdoelen[bewerken]
Na afloop van het vak kan de student:
- de principes transitiesystemen en Hoare-logica uitleggen;
- eenvoudige gedistribueerde systemen specificeren met de procesalgebra FSP, en analyseren met het tool LTSA;
- Java-programma's annoteren met JML-specificaties, en de geannoteerde programma's analyseren met ESC/Java
- beargumenteren wat het belang is van formele specificatie en analyse voor software engineering
Onderwijs[bewerken]
Dit vak wordt gegeven in 10 hoorcolleges, 10 werkcolleges en 4 practicumdagdelen.
Beoordeling[bewerken]
Het vak wordt afgesloten met een schriftelijk tentamen. Daarnaast zijn er een aantal huiswerkopgaven waar punten mee gehaald kunnen worden.
Studiemateriaal[bewerken]
Bij dit vak wordt uitsluitend gebruik gemaakt van Teletop voor het beschikbaar stellen van studiemateriaal.
Docent[bewerken]
De docent en contactpersoon van dit vak is Dr.ir. R.. Langerak.