Studententaal
Uiterlijk
Deze pagina is incompleet. Je kan helpen door deze uit te breiden.
Op deze pagina kunnen veelgebruikte studententermen komen. Wellicht verdienen sommige een eigen artikel. Graag uitbreiden.
- Ad fundum
- Ook wel 'een adje trekken', letterlijk "tot op de bodem". Dit is het in één teug leegdrinken van een glas (bier). Veel terugkomend onderdeel bij een Cantus.
- Ad libitum
- In meerdere slokken leegdrinken van een glas, tegenovergestelde van Ad fundum.
- Bal
- Van oorsprong een term die slaat op een corps-lid, ook wel 'corpsbal'. Ook breder toegepast op leden van een gezelligheidsvereniging, gebaseerd op het bij sommigen levende stereotype van het verenigingslid als arrogant.
- Ballenbad
- Op de campus zo nu en dan gebezigde term voor de Pakkerij, wegens de vele 'ballen' (zie ook 'bal') die daar rond zouden lopen.
- Brak
- Status van lichaam en geest na een avondje bier drinken of lang doorwerken. Ook wel lichte kater.
- Brakticum
- Een practicum waarbij men zich in het brak stadium bevindt. Vaak op vrijdagochtend.
- Brassen
- Het ontvreemden van een voorwerp met slechts emotionele waarde voor een groep studenten. Het voorwerp kan dan terug worden verkregen middels een tegenprestatie.
- Elkaar beetpakken bij de revers, en dan met enig geduw en getrek proberen de ander met zijn schouders tegen de grond te krijgen. Dit is dan de verliezer. Wordt traditioneel gedaan om meningsverschillen op te lossen.
- In sommige studentensteden ook wel 'zooi' genoemd.
- BVO
- Bier voor Onderweg.
- Campusfossiel
- Persoon sinds de prehistorie woonachtig op de campus.
- Campusmatras
- Persoon woonachtig op de campus die voortdurend wisselende seksuele contacten heeft.
- Campusmongool
- Persoon woonachtig op de campus en die zich hier ook naar gedraagt. Oorsprong is te vinden in het nummer 'Campusmongolen' van Cas. Zie Henk.
- Cantus
- Activiteit waar bier, zang en rethoriek een hoofdrol spelen.
- Clubje
- Algemene benaming voor een jaarclub of dispuut (soms ook vereniging of studentenhuis).
- Container
- Universeel woord voor een voorwerp dat units kan bevatten. Kan zelf ook een unit zijn. Wordt onder andere gebruikt om een meter of bierglas aan te duiden.
- Device
- Universeel woord voor een voorwerp. Zie unit.
- Feature
- Universeel woord voor een functie. Zie unit. Kan ook als eufemisme gebruikt worden om een gebrek aan te geven.
- Feut
- Afgeleid van het woord foetus, letterlijk: ongeborene. Ook wel: groentje.
- Een lid die zijn inauguratie nog voor de boeg heeft. Wordt gehanteerd bij studentenverenigingen, disputen, huizen et cetera.
- Een incapabel of onhandig persoon.
- Flatmatras
- Persoon die voortdurend wisselende flatrelaties heeft.
- Fluim
- Lui persoon, mispunt, naarling, kwal. Een van de metaforen uit de groep met betrekking tot het orale en anale stadium: "corpspik", "lulkoek", "populaire drol".
- Grote klodder spuug.
- Fluimen
- Niets doen.
- Spugen.
- Geeken
- Zie Nerden
- Henk
- Een negatieve en matig gewaardeerde term voor een campusbewoner. Gebaseerd op het bij sommigen levende stereotype van de campusbewoner als nerd.
- Inval
- Een poging van een bevriende vereniging om bij een vereniging de bar over te nemen. Wordt vantevoren aangekondigd, zodat de vereniging zich kan verdedigen. Voor de vereniging die op bezoek komt, heet het een uitval.
- Item
- Universeel woord voor een voorwerp. Zie unit.
- Klikken
- Zie Nerden.
- Knor
- Dit woord vindt zijn oorsprong in de corpora. Een negatieve term voor een niet-corps-lid. Heeft ondertussen bij verschillende groepen een iets bredere betekenis gekregen. Wel nog altijd negatief: staat vaak voor sukkel of iemand die onbekend is met studentikoze gebruiken.
- Kroegtijger
- Iemand die het lang op de kroeg kan uithouden, die niet zo snel als anderen "torrezat" wordt.
- Kwakmeid
- Meisjes/vrouwen in de mensa die het eten opscheppen.
- Maandmenu
- Degelijke hoeveelheid eten af te halen bij restaurant Hong-Kong voor twee personen, waarvan je met minstens drie personen kunt eten. Kosten hiervan betreffen €12,75. Zie ook toko.
- Macht, de
- De afstandsbediening
- Matras
- Persoon die voortdurend relaties heeft met personen uit de zelfde doelgroep.
- Meter
- Een (houten) plank waarin meerdere biertjes kunnen worden geplaatst om het dragen te vergemakkelijken. Zijn vaak gedecoreerd om de oorsprong van de meter aan te duiden (zie clubje). Deze meters kunnen meestal 13 bier bevatten en hiervoor hoeft in de meeste gevallen slechts 12 bier betaald te worden. Andere aantallen zijn ook mogelijk, maar komen minder vaak voor. Zie ook: tweeter.
- Muur, de
- Zie: shoarmaturk.
- Nepstudent
- Persoon die het HBO aandoet en pretendeert te studeren.
- Nerden
- Ook wel bekend als klikken of geeken.
- Het gebruiken van een computer om menselijk contact te kunnen ontwijken, oftewel gamen, programmeren of de bekende administrator tools als solitaire en mijnenveger spelen.
- Nul
- Een persoon die nog niet lid is van een vereniging of net lid is geworden en nog geen ontgroening heeft doorstaan. Soms ook benaming voor een nieuwe eerstejaars.
- Ouderjaarsvak
- Vak voor studenten die al langere tijd lid zijn van een bepaalde vereniging. Meestal betreft dit studenten die langer dan 2 jaar lid zijn (ergo: derdejaars en ouder).
- Shoarmaturk
- Horecagelegenheid waar (vooral donderdagnacht) de uitgaanshonger wordt gestild.
- Snakie
- Zelfgedraaide sigaret met verdovende middelen daarin.
- SOA
- Studie-Ontwijkende Activiteit. Zie SOG. Vooral goed voor gebruik bij ouders.
- SOB
- Studie-Ontwijkend Biertje.
- SOG
- Studie-Ontwijkend Gedrag; Het ontwijken van studiebezigheden. Niet altijd negatief, bijvoorbeeld door schoonmaakactiviteiten in huis te bewerkstelligen. Wel altijd negatief voor de studie.
- SOGgen
- De werkwoordsvorm van het bijbehorende zelfstandignaamwoord SOG.
- Studentikoos
- Van oorsprong 17e eeuws Franse term, via Duitsland in Nederland gekomen. Typerend is studentenformatie: men solt met de taal door er potjeslatijn van te maken: het is nl. het Latijnse woord "student" waarachter de Griekse suffix-ikoos gezet is.
- Toko
- Universeel woord voor eet- en/of dansgelegenheid.
- Tool
- Universeel woord voor een gebruiksvoorwerp. Zie unit.
- Torrezat
- van de wereld gezopen
- TPtje
- Turkse Pizza, deze word vaak in de pauzes genuttigd.
- Tukker
- Oorspronkelijke inwoner van Twente, ook wel Twentenaren genoemd
- Een negatieve term voor iemand die een domme actie uithaalt. Gebaseerd op Twentenaren uit de omgeving van de UT die nog wel eens minder handige acties hebben uitgehaald.
- Tweek
- Het tijdsinterval tussen twee verschijningsdata van de NoiZiA (gewoonlijk twee weken).
- Tweeter
- Grotere variant van de meter, waarin 27 bier geplaatst kunnen worden. In de betere toko's hoeft hiervoor slechts 24 bier betaald te worden.
- Uitzuip
- Traditionele laatste keer dat wedstrijdroeiers mogen drinken en hun wedstrijdlint verdienen. Ookwel: in-training.
- Unit
- Universeel woord voor een voorwerp. Wordt onder andere gebruikt om een biertje aan te duiden.
- Verneukeratief
- Studentenvorming naar volkstaal: Iemand verneuken (iemand beetnemen, bedriegen) en lucratief.
Studenten gebruiken ook veel afkortingen zowel in hun schrijftaal als in hun spreken.
- De man die de geit optilt
- Programma van EnschedeFM waarin veel studententaal wordt gebruikt.